top of page

10 vragen aan Jamie Trenité en Merel Westrik


Jamie en Merel

Foto: AVROTROS


INTERVIEW - Deze week stellen we iedere werkdag een aantal vragen aan twee kandidaten van Wie is de Mol? 2019. Hoe stonden zij in het spel? Was het wat ze ervan verwachtten? En met wat voor tactiek stapten zij het spel in? Vandaag is het de beurt aan presentator Jamie Trenité en nieuwslezeres Merel Westrik.


Vond je het lastig om geheim te houden dat je meedeed aan Wie is de Mol?

Jamie: Enorm en totaal niet. Dit klinkt tegenstrijdig, maar het zit zo: het is zo tof en je voelt je zo vereerd dat je mee mag doen aan dit avontuur waar je zelf vanaf het eerste uur fan van bent. Dit moét gewoon van alle daken afgeschreeuwd worden! Aan de andere kant besef je meteen hoe real het is, hoeveel er op het spel staat. En mocht het je nog niet helemaal duidelijk zijn dan leggen de makers van Wie is de Mol? je dat haarfijn uit. Dus al heel snel besefte ik dat ik maar beter kon gaan genieten van het dragen van zo’n spannend geheim!

Merel: Ja, heel lastig. Op werk had ik laten weten dat ik er een tijdje niet zou zijn in verband met herstel voor een amandeloperatie. Maar dat kon ik tegen goede vrienden en familie niet zeggen, anders wilden ze misschien langskomen. Dus tegen vrienden had ik weer gezegd dat ik even op vakantie was. Tegen m’n vader had ik bijvoorbeeld gezegd dat ik op reis was voor werk. Daar had ik het mezelf een beetje ongemakkelijk mee gemaakt, want ik moest al die leugens onthouden (kan ik slecht) en daarna moest ik ook nog best lang liegen. En ik durfde niet te hard te lachen, omdat iemand dan misschien kon zien dat m’n amandelen er nog zaten. Dus ja, dat vond ik lastig.


Was Wie is de Mol? wat je ervan verwachtte?

Jamie: Ik had ongegeneerd hoge verwachtingen. Een opsomming van achttien jaar fantasie en stoute dromen. En zelfs die zijn overtroffen! Dit had niet alleen te maken met de voor de hand liggende dingen zoals de gave opdrachten, een schitterend land en interessante medekandidaten, maar alles er omheen is minstens net zo indrukwekkend. De permanent aanwezige spanning voor al het onbekende; gaan we nog een opdracht doen, test maken, zit ik zo op het vliegtuig terug? En last but not least een spel dat werkelijk nooit stopt!

Merel: Ik kon me van tevoren niet zo goed voorstellen hoe het zou zijn om dat zelf mee te maken. Maar het was waanzinnig. Je staat helemaal ‘aan’. Van de spanning van ‘het niet als eerste naar huis willen’ tot opdrachten zo goed mogelijk willen doen. Het haalt echt iets fanatieks in je naar boven. En je wilt gewoon niet naar huis. Ik vond het een groter en unieker avontuur dan ik had durven denken.


Op wat voor soort opdrachten hoopte je vooraf?

Jamie: Ik hoopte vooral op uiteenlopende opdrachten. Dat álles er in zou zitten; adrenaline, nadenken, creativiteit, chaos, et cetera. Dit omdat ik het leuk zou vinden om te zien hoe ik op al die soorten opdrachten zou reageren. Zou ik in iets heel goed zijn, of zou ik ergens keihard voor weg willen lopen? Ik had ook geen idee! Toen ik wist dat we naar Colombia gingen kwam er wel nog iets bij. Ik hoopte namelijk dat ik met mijn Spaans het verschil zou kunnen maken in opdrachten door bijvoorbeeld wildvreemde mensen aan te spreken en zover te krijgen dat ze de meest idiote dingen voor ons zouden gaan doen.

Merel: Ik hoopte op taalopdrachten, puzzels, maar ook op spektakel. Iets avontuurlijks.


En op wat voor locatie?

Jamie: Locatie was simpel: ver weg. Iets waar ik nog nooit geweest was. Eventueel ook waar ik zelf niet snel zou komen en waar de zon vaker wel dan niet schijnt! Maar anywhere is fine. Tot een van de makers grapte: "Luxemburg en Duitsland is dus ook goed?"

Merel: Ik hoopte stiekem dat we niet naar een al te warm land zouden gaan. Dan kon ik lekker in m’n lange broek en trui rondlopen. Maar dat ging mooi niet door. Colombia was heet en luchtvochtig. Maar bloedmooi.


Wat vond je van deze groep kandidaten?

Jamie: De groep was perfect op één ding na. Want wat had ik een pech dat ik moest concurreren met negen slimme, doortrapte Sherlocks. Het scheelde ook enorm dat we, mede door een toevallige loop van het spel, al snel samen kwamen en hecht werden. We vertrouwden elkaar professioneel allemaal voor geen cent, maar aardig vonden we elkaar wel!

Merel: Ik ben dol op ze. Je leert elkaar in heel korte tijd best goed kennen en je maakt unieke dingen met elkaar mee. Dat schept meteen een band. Het was een groep waarin heel veel werd gelachen, met echt lieve leuke mensen, waarin niemand gemeen deed, maar die wel bloedfanatiek en hard in het spel was. Maar dat zeg ik nu, misschien denk ik er wel anders over als ik zie wat ze achter m’n rug om allemaal hebben uitgespookt. Maar tot nu zie ik ze nog bijna allemaal.


Hoe had je je voorbereid op het spel?

Jamie: Tja, voorbereid… ik denk dat een goede voorbereiding je ondergang wordt, want die bestaat namelijk niet voor dit programma. Maar ik had wel het seizoen in Zuid-Afrika en Portland terug gezien, gewoon om in de sfeer te komen. Ik vind die twee seizoenen zo tof, dus dat was geen vervelend huiswerk!

Merel: Ik heb oude afleveringen teruggekeken. Dat is het enige. Veel teruggekeken. En bedacht: wat zou ik doen in zo’n situatie?


Had je een tactiek bedacht? En heb je hier wat aan gehad?

Jamie: Ik vond het moeilijk in te schatten hoe ik zou reageren op het spel en de groep, wat precies mijn rol in de groep zou gaan worden. Dus persoonlijk hield ik het open. Maar ik wist wel dat ik graag snel een bondje wilde gaan sluiten. Twee paar ogen zien meer dan een. Een kritische blik voorkomt tunnelvisie en helemaal als die blik vrij haaks staat op de jouwe, dus ik wilde samenwerken met een heel anders denkend iemand. Ik was doodsbang voor m’n eigen gelijk, dat ik overtuigd was, tunnelvisie zou hebben en dat niemand me er uit kon halen. Heb ik er wat aan gehad… that is for the future to tell.

Merel: Ik ben er gewoon ingedoken. Ik had wel bedacht om alles te checken en te dubbelchecken, maar dat hield ik maar een tijdje vol. Er gebeurt gewoonweg té veel.


Welke eigenschappen van je kwamen goed van pas?

Jamie: Nou het feit dat ik vrij veel praat en lang niet alles waar is heeft me absoluut geholpen! Beetje de sportieve jongen van dit seizoen uithangen kan me misschien soms een sleutelpositie opleveren in opdrachten. En voor mezelf was het heel fijn dat ik ondanks weinig en onrustig slapen en spanning en adrenaline ik eigenlijk nooit heel moe ben. Ik bleef altijd wel scherp en haalde altijd wel weer ergens een hoop energie vandaan als het moest.

Merel: Nieuwsgierigheid en fitheid.


En welke niet?

Jamie: Ik ben fucking ongeduldig en kan me slecht aan regels houden. Ik probeer er al jaren iets aan te doen, maar het zit er diep in. Als ik honger heb, dan schrok ik ongeduldig m’n bord eten naar binnen, probeer ik zo snel af te wassen dat de glazen breken of als er een file staat pak ik een verboden fietspad of stoep en ligt er een week later weer zo’n rotenvelop met paars randje op de deurmat. En zo maak ik als ik ongeduldig ben wel meer fouten…

Merel: Twijfel aan jezelf of je de test wel goed hebt gemaakt. Maar dat had iedereen. Je kon elkaars hartslag horen tijdens de executies.


Wat zou jou een goede Mol maken?

Jamie: Ik vraag me altijd af of de Mol zichzelf een goede Mol zou moeten vinden en of hij een ander moet kunnen overtuigen van z’n Molkwaliteiten. Is het bewustzijn waarom hij een slechte Mol is niet belangrijker? En misschien maakt het omdraaien van deze vraag mij wel een goede Mol…

Merel: Ik pas me makkelijk aan, ik kan tegen onder druk staan en mensen hebben de neiging me te vertrouwen, omdat ik het nieuws presenteer.

Gerelateerde posts

Alles weergeven

GERELATEERD

bottom of page